Rewilding werkt! Dat is elke dag te zien in de gebieden van ARK: de natuur herstelt zich snel als natuurlijke processen weer de ruimte krijgen. Rewilding zorgt er ook voor dat het landschap veel weerbaarder wordt bij meer hitte, droogte en wateroverlast. Dat is meer dan welkom in deze tijd dat het hard gaat met klimaatveranderingen. Maar objectief, wetenschappelijk onderzoek of en hoe rewilding bijdraagt aan klimaatopgaven is tot nu toe nog schaars. Daarom is het heel waardevol dat er in augustus 2026 onderzoek is gepubliceerd naar klimaat-slim (climate-smart) rewilding in Nederland.
De Gelderse Poort als voorbeeld
Een internationale groep onder leiding van professor Liesbeth Bakker van het Rewilding Expertise Centre onderzocht of rewilding kan bijdragen om gebieden beter bestand te maken tegen de gevolgen van klimaatverandering. Ze focusten zich op de natuurontwikkeling langs de rivieren in de Gelderse Poort, want voor deze onderzoeksvraag is er misschien geen betere casus te bedenken. Welke lessen zijn hier geleerd? En is de ‘succesformule’ van de Gelderse Poort ook toepasbaar in andere gebieden met klimaatopgaven?
Systematisch in beeld brengen hoe het werkt
Judith Slagt is een van de onderzoekers. In haar werk als projectleider bij ARK neemt ze mensen altijd mee het veld in om met eigen ogen te zien wat rewilding oplevert. Als onderzoeker bij Wageningen University & Research brengt ze dat systematisch en met een objectieve meetlat in beeld. En dat is belangrijk, vertelt ze: “We krijgen, terecht, vaak vragen naar feiten en cijfers over rewilding en wat rewilding oplevert. Op ecologisch gebied zijn die cijfers er steeds meer, bijvoorbeeld over welke soorten terugkeren. Maar rewilding heeft ook politieke, sociaal-culturele en economische dimensies. In het onderzoek keken we daarom naar rewilding in de hele breedte: welke factoren vormen een belemmering en welke zorgen juist voor succes?”
Dit maakt rewilding succesvol
Belangrijk, zagen de onderzoekers, is dat er een goed momentum is om te starten met rewilding. Judith: “Een flinke crisis kan zo'n moment zijn. In de Gelderse Poort was dat het hoogwater van 1993. Beleidsmakers en omwonenden stonden ervoor open om het probleem aan te gaan pakken, natuur als oplossing te zien en te accepteren dat dit het landschap zou veranderden.”
In een gebied moet ook een sterke coalitie aanwezig zijn van mensen die het anders willen doen, zegt Judith. “Een van de belangrijkste succesfactoren is misschien wel dat er een groep mensen is die een gezamenlijke visie heeft ontwikkeld en die willen omzetten naar daden. Een groep die klaar staat om erop te springen als het juiste moment is aangebroken met een plan, en met lef en energie. Dat realiseerde ik me wel, maar het onderzoek liet zien hoe belangrijk dit is. Bij de start van de Gelderse Poort waren er al mensen bezig met de herintroductie van grote grazers. Anderen pionierden met een nieuwe visie op natuurontwikkeling langs de rivier, Plan Ooievaar. Belangrijk was dat zij ook snel konden schakelen met elkaar.”
Opschalen? Benut nieuwe kansen in beleid
Hoe kan climate-smart rewilding worden opgeschaald? Nieuwe projecten kunnen in elk geval de gevonden succesfactoren benutten, schrijven de onderzoekers: sluit aan bij bewonersinitiatieven en benut economische koppelkansen. En kijk ook ver genoeg vooruit, want het kost tijd om de natuur tot wasdom te laten komen en z’n werk kan doen. Vooral belangrijk is het dat rewilding als aanpak een structurele plek in het klimaatbeleid verovert.
Judith: “Bij de Gelderse Poort kwam het idee om natuurlijke processen de ruimte te geven goed getimed met de hoogwatercrisis. Inmiddels zitten we permanent in een klimaatcrisis. Het gaat nu vooral om bestuurlijke timing. Het is belangrijk om kansen aan te zien komen om rewilding op grotere schaal in te zetten, zoals nu met de Natuurherstelverordening. Die biedt de gelegenheid om climate-smart rewilding vast onderdeel van het beleid te maken. Met dit onderzoek laten we zien op welke manieren je het beste inspringt op de kansen die rewilding biedt.”