Om de biodiversiteit én de sponswerking van het rivierensysteem te herstellen, is een omschakeling nodig. Het Eiland van Brienenoord vormt hierin een pioniersproject midden in het stedelijke en industriële hart van Rotterdam. In 2021 zijn de harde oeververdedigingen vervangen door flauwe hellingen en geulen, waardoor het eiland transformeerde tot een waardevol proefgebied voor natuurontwikkeling. ARK doet hier al vijf jaar onderzoek naar de vegetatieontwikkelingen van deze getijdennatuur.
Het onderzoek: botanisch speurwerk
Om te ontdekken hoe de getijdennatuur ervoor staat, bezocht ik tien vaste meetpunten op het eiland, de zogenaamde Permanente Quadranten (PQ’s). Gewapend met een touw van exact 1,13 meter (om cirkelvormige proefvlakken van 4m² af te bakenen) en een floragids van Nederland, ging ik aan de slag.
Ik inventariseerde alle plantensoorten met behulp van de Londoschaal. Deze gegevens voerde ik in computerprogramma's zoals Turboveg, Associa en SynBioSys in om de ecologische ontwikkelingen te analyseren.
De opvallendste resultaten
De drie opvallendse resultaten uit mijn onderzoek zijn de volgende:
- De biezenzone floreert: Op de laagste, slikkige delen langs de rivier (plots PQz1 en PQo1) is de doelvegetatie – de associatie van blauwe waterereprijs en waterpeper –behaald.
- De riet- en getijdenzone zoekt haar weg: In de hoger gelegen zones ontbreken typische indicatorsoorten zoals de zeldzame spindotterbloem nog hardnekkig, waardoor de theoretische streefdoelen hier nog niet volledig zijn bereikt.
- De Schotse hooglander: Uit de software-analyse bleek dat bepaalde zones ecologisch reageerden alsof er intensief gemaaid werd. Maar op Brienenoord wordt helemaal niet gemaaid. Dit 'maai-effect' is mogelijk toe te schrijven aan de vier Schotse hooglanders die op het eiland rondstruinen. Hun begrazing, het kapottrappen van dichte rietmatten en het snoeien van jonge wilgenscheuten houden het landschap dynamisch en halfopen.
Het stokje overdragen
Ik heb erg genoten van het veldwerk in de dynamische getijdenklei. Tussen de metingen door stond ik oog in oog met de Schotse hooglanders en kon ik genieten van de beversporen en de roep van de ijsvogel. Ik heb ook erg genoten van de gastvrijheid van de eilandbewoners op Brienenoord, tijdens mijn onderzoek heb ik vaak samengewerkt met de culturele ontmoetingsplek de Buitenplaats Brienenoord. De openheid, de gastvrijheid en de fijne discussies met collega-onderzoekers en creatievelingen gaven een extra leuk randje aan deze stageperiode.
Mijn stageperiode zit erop en de resultaten laten zien dat de Rotterdamse stadsnatuur veerkrachtig is. Hoewel de vegetatie soms afwijkt van de theoretische modellen, bewijzen de harde data dat de getijdennatuur zich biologisch robuust ontwikkelt onder invloed van eb, vloed en de grazende hooglanders.
Met het plaatsen van nieuwe, ijzeren kappen op de markeringsbuizen van de meetlocaties (zodat ze nóg beter vindbaar zijn met een metaaldetector) en het moderniseren van de digitale monitoringsbestanden, draag ik het stokje met een gerust hart over aan de volgende studenten. De herwildering van het Eiland van Brienenoord is een prachtig, langdurig proces en ik kan niet wachten om te zien hoe dit Rotterdamse getijdenpark er over een paar jaar bij ligt!