Slangen profiteren van natuurherstel
De gevlekte ringslang voelt zich thuis in een gevarieerd landschap met natte graslanden, poelen, moerassen en ruige vegetatie. Ze jaagt vooral op amfibieƫn, zoals kikkers, en zoekt als koudbloedig dier regelmatig droge, zonnige plekken op om op te warmen. Deze inheemse soort is volledig ongevaarlijk voor mensen: ze is niet giftig, leeft schuw en zal mensen liever ontwijken dan opzoeken.
Voor de voortplanting maakt de gevlekte ringslang graag gebruik van broedhopen van takken, bladeren en ander organisch materiaal. Zulke broedhopen worden onder andere door Staatsbosbeheer aangelegd en vormen een belangrijke kraamkamer voor de soort.
Ook de natuurontwikkeling door ARK draagt bij aan geschikt leefgebied. Door de aanleg van meidoornstruwelen ontstaat beschutting, terwijl jaarrondbegrazing het landschap open en gevarieerd houdt. Daarnaast zorgen maatregelen die het sponslandschap herstellen, zoals het ophogen van beekbodems en het vasthouden van water, voor nattere omstandigheden en meer poelen. Dat levert niet alleen meer leefgebied op voor de ringslang, maar ook meer voedsel en geschikte rustplaatsen.
Hoewel niet met volledige zekerheid is vast te stellen dat het daadwerkelijk om een gevlekte ringslang ging, passen zowel de beschrijving van het dier als het leefgebied uitstekend bij deze soort. De waarneming is in ieder geval een veelbelovend signaal. Ze laat zien dat de vernatting van het landschap en de ontwikkeling van een gevarieerde natuur steeds meer bijzondere soorten aantrekken. Hopelijk is deze ontmoeting de voorbode van nog veel meer waarnemingen in de toekomst.