Verdwaald of op verkenningstocht?

28-01-2026
Mensen drommen deze maand massaal samen langs de kust van de Nederlandse Noordzee. Alle verrekijkers, cameralenzen en ogen zoeken naar een zeldzame witte verschijning tussen de golven: een beloega.

Sinds deze maand zwemt er een beloega voor de Nederlandse kust, ter hoogte van Callantsoog. De opvallende, spierwitte dolfijn wekt enorm veel belangstelling. Ernst Schrijver, zeebioloog in ARK's Noordzeeteam, stond zelf vooraan. Hij vertelt over de stralende dag, en de dichte mist langs de kust die hem verraste. "We hadden honderd, misschien honderdvijftig meter zicht. Aan de stemming op het strand merkte ik al dat ze hem nog niet hadden gezien. Dit wordt niets meer dan een strandwandeling, dacht ik." Onderweg ontwaart Schrijver net de contouren van een RIB-bootje op het water, dat ineens een scherpe draai maakt en vaart mindert. “En toen zag ik hem! Ruim een minuut duurde het, maar voor mijn gevoel een eeuwigheid.” Anderhalve week later stuitert Schrijver nog steeds. “Ik heb vier weken rondgedobberd ten noordoosten van Groenland en vier dagen gezocht op Spitsbergen. Ik had niet verwacht ooit in mijn leven nog een beloega te zien.” 

Grote zeezoogdieren in de Noordzee waren niet altijd zo uitzonderlijk. Zijn bezoek herinnert ons aan een tijd waarin allerlei soorten walvissen en andere grote zeezoogdieren in grote aantallen in de Noordzee leefden. In de zestiende eeuw kwamen Nederlanders naar de Scheveningse kust om de walvistrek van vermoedelijk bultruggen en potvissen met eigen ogen te aanschouwen. De kans dat daar veel beloega's tussen zaten is niet groot, maar er bestaat een kans dat ze elkaar in noordelijke wateren tegenkwamen. Tussen de kieren van het pakijs in de Arctische en subarctische wateren zijn de witte walvissen 's winters perfect gecamoufleerd. 's Zomers zoeken ze de kust op, en plekken waar rivieren overgaan in de zee. Ze zijn bijzonder intelligent en navigeren met behulp van echolocatie. Het ronde orgaan op hun voorhoofd ('meloen') dat de dieren hun koddige uiterlijk geeft, helpt ze hun sonar te richten en versterken. Ze migreren jaarlijks honderden kilometers, in groepen van tot wel vijfentwintig dieren groot en komen soms met honderden bij elkaar.  

Image
Beloega bij Spitsbergen. Foto: Lars Soerink
Anders dan veel andere dolfijnen en walvissen, hebben beloega's geen rugvin, maar richel die over hun rug loopt. Foto: Lars Soerink, ARK Rewilding Nederland.
Image
Beloega's, de archipel van Franz Josef Land, Barentszzee, Noordpoolgebied
Hier zie je beloega’s in hun noordelijke leefgebied, in de Barentszzee. Deze week riep SOS Dolfijn op om géén dronebeelden meer te maken van de beloega die nu voor de Nederlandse kust zwemt. Hij heeft al meer dan genoeg bezoek gehad van drones en bootjes. Gelukkig zwemt hij dicht bij de kust, en geeft een blik door de verrekijker een al even betoverend beeld. Foto: Kirill.uyutnov

Toch blijven niet álle dieren altijd bij een groep, volgens ARK-ecoloog Leo Linnartz. “Ik lees in verschillende media dat de beloega verdwaald is, maar dat is nog maar de vraag. Deze ene beloega lijkt nu heel uitzonderlijk, maar als je verder uitzoomt kun je zien dat bijna alle jongvolwassen dieren hun wijde omgeving verkennen. Op zoek gaan naar nieuw leefgebied en soortgenoten die geen familie zijn, is een natuurlijk proces. Soms gaat dat over gigantische afstanden, en soms gaan ze veel minder ver. Ze komen niet allemaal op een kansrijke plek uit en een deel van die pioniers gaat dood, dat is zo. Toch brengt verkenning veel goeds. Daarmee voorkomen dieren inteelt en blijft de soort dus genetisch gezond, en ze ontdekken nieuw leefgebied in een veranderende wereld. Niet alleen nu met de huidige klimaatverandering, maar ook in een veel verder verleden: ijstijd op en ijstijd af. Als niemand de stoute schoenen aantrekt, dan sterft de soort op den duur uit.”    

 "Het zou kunnen zijn dat hij bewust op verkenning is gegaan, maar net zo goed dat hij verdwaald of ziek is, of een verkeerde afslag heeft genomen”, vult Schrijver aan. Ook hoe het verdergaat laat zich volgens hem niet voorspellen. “Misschien ligt hij over twee weken dood op het strand, of weet hij juist dondersgoed waar hij is en vindt hij vanzelf de weg weer terug na dit grote avontuur. De natuur is een mysterie en zit vol verrassingen. Dat is juist het mooie!"  

Ook andere zeezoogdieren te zien

Wie nu denkt dat de witte ‘walvis’ het enige grote dier is dat rondzwemt in de Noordzee, heeft het mis. Langs de Brouwersdam en in de Brouwersbaai, langs de Zeelandse en Zuid-Hollandse kust, steken dagelijks grijze en gewone zeehonden hun kop boven het water uit. Vanaf de pier van IJmuiden en vanaf het strand spot je gemakkelijk bruinvissen, de kleinste walvisachtigen van de Noordzee – al loopt hun aantal terug. Verder op zee zijn witsnuitdolfijnen te vinden. Schrijver: “We zien de afgelopen tien jaar ook steeds vaker bultruggen. Na intoming van de walvisjacht, zijn ze nu wereldwijd terug van weggeweest. Daaraan kun je zien dat als we de juiste dingen doen, dat sommige soorten zich kunnen herstellen.” Ze leveren een behoorlijk spektakel op, volgens Schrijver. “Door hun blaasgat blazen ze met enorme kracht lucht naar buiten en dat kun je ook vanaf het strand zien. Als je geluk hebt springen ze ook, dat is helemaal niet ondenkbaar.”  

Image
Bultrug in de Noordzee bij IJsland.
Bultruggen behoren tot de reuzen van de zee en kunnen wel 18 meter lang worden. De afgelopen tien jaar duiken ze steeds vaker op in ondiepe Noordzeewateren, meestal op zoek naar voedsel. Een indrukwekkende verschijning, waar we tien jaar geleden nog van opkeken - en nu voorzichtig aan wennen. Foto: Ernst Schrijver

Haaien, roggen en tonijnen

Veel verderop in de Noordzee bij de Doggersbank en Schotse kust leven dwergvinvissen en in de wateren rond het Verenigd Koninkrijk zwemmen reuzenhaaien die wel acht meter lang kunnen worden. Heel soms worden ze ook in de Nederlandse Noordzee waargenomen. In het noorden van Engeland zitten ook vleten: roggen zo groot als een eettafel. Juist in het zuiden worden sinds een jaar of tien weer blauwvintonijnen gespot. Schrijver: "Er zijn aanwijzingen dat ze zich ook zo nu en dan in Nederlandse wateren ophouden. Ik heb altijd gezegd dat ik met pensioen ga zodra we feeding frenzies van blauwvintonijnen kunnen zien in de Brouwersbaai. Dat zijn indrukwekkende draaikolken van tonijnen en andere vissen, met zeevogels die daarop induiken. Zo ver is het nu nog niet, maar ik blijf de golven afspeuren!"  

Wildernis in eigen land 

Het boek Wildernis in eigen land van Jeroen Helmer heeft nu een extra hoofdstuk over de grijze walvis. Vroeger zwommen ze in groten getale in de Noordzee en de Waddenzee. Kan dat ooit weer zo worden? Lees erover in dit artikel en download gratis de illustratie van hun sleutelrol in ondiepe zeeën.  

Image
Schoolplaat over de grijze walvis als sleutelsoort

Headerfoto: Ansgar Walk

Contactpersoon