Maar liefst 1232 planten- en diersoorten zijn in één juniweekend gezien in de Maashorst. Van roodpootvalk en zomertortel tot kleine parelmoervlinder, prachtlynxspin en wegdistel. 127 natuurliefhebbers brachten in het weekend van 14-16 juni de biodiversiteit van dit grote Brabantse natuurgebied in kaart. De soortenrijkdom laat zien dat de natuurontwikkeling in de Maashorst zijn vruchten afwerpt. De Maashorst is op weg een van de belangrijkste natuurgebieden in Brabant te worden voor planten en dieren.
Image
Toename biodiversiteit door natuurontwikkeling
De Maashorst is een groot natuurgebied van 3500 hectare dat ligt tussen Oss en Uden. De laatste jaren heeft ARK Natuurontwikkeling samen met partners het begrazingsgebied vergroot en heeft wilde natuur daar een kans gekregen zich vrij te ontwikkelen. Het aantal planten- en diersoorten is daardoor flink toegenomen. Om te meten hoe het er in de Maashorst voor staat met de biodiversiteit heeft de Stichting Natuurorganisaties De Maashorst vier jaar geleden besloten om de biodiversiteit van het natuurgebied te onderzoeken door middel van een zogenaamd ‘1000-soorten-weekend’. Dat betekent dat men in één weekend zoveel mogelijk soorten probeert te vinden. Niet alleen vogels of planten, maar ook insecten, weekdieren, korstmossen, vissen en zoogdieren. Kortom alles wat er leeft. Van vrijdag 14 juni tot zondag 16 juni is voor de derde keer zo’n ‘1000-soorten-weekend’ georganiseerd in de Maashorst. Een groot succes met in totaal 1232 ontdekte soorten. Veel meer dan in 2015 (840 soorten) of 2017 (784 soorten).
Zoektochten door specialisten
Het ‘1000-soorten-weekend’ ging van start met een minisymposium waarna de tellers uitwaaierden over De Maashorst. De zoogdierkenners gingen diervriendelijke life-traps voor muizen plaatsen, de keverkenners gingen de eerder geplaatste loopkevervallen controleren. Zo had elke soortengroep zijn eigen groep kenners die op pad ging. Van vissers en vogelaars tot plantenspecialisten.
Alle ingevoerde waarnemingen kwamen terecht bij Natuurcentrum de Maashorst waar de tellers soep, broodjes en drinken konden krijgen, waar de leden van de NJN en JNM jeugdbonden hun kamp hadden opgezet en van waaruit op de laatste dag tellers over nog ontbrekende soorten (bijvoorbeeld waterhoen, bleke klaproos en kleine watersalamander) werden geïnformeerd zodat daar speciaal naar gezocht kon worden. Zo konden deze soorten toch nog gevonden worden. Essentieel was ook dat de tellers daar hun vaak stoere verhalen kwijt konden: “Ik had een roodpootvalk en een zomertortel in één kijkerbeeld!” Alle waarnemingen kwamen uiteindelijk terecht op de speciale webpagina die door Waarneming.nl was aangemaakt.
Ook ’s avonds en ’s nachts ging het tellen gewoon door. Er waren verschillende groepjes nachtvlinderaars op strategische plaatsen in het gebied bezig, terwijl de vleermuiskenners hun routes aflegden met een batdetector in de hand. Vogelaars gingen op pad voor nachtzwaluwen, uilen en houtsnippen.
Bijzondere soorten ontdekt
Door het intensieve onderzoek werden tientallen bijzondere soorten ontdekt. Bijvoorbeeld de rootpootvalk en de zomertortel bij de vogels. De kleine parelmoervlinder bij de dagvlinders. De lindepijlstaart bij de nachtvlinders. De venwitsnuitlibel bij de libellen en de kleine wespenboktor bij de kevers. Bijzondere planten die zijn aangetroffen zijn onder meer wegdistel, grote tijm, slangenkruid, fijne waterranonkel, duinroos en boslathyrus. Bij de geleedpotigen werd de prachtlynxspin aangetroffen en bij de paddenstoelen de melige mestinktzwam.
Record ruim verbroken
Het oude record van 840 soorten werd ruim verbroken, en voor het eerst werden daadwerkelijk meer dan 1000 soorten gescoord. De aantrekkingskracht van het begrazingsgebied met zijn wisenten droeg daar zeker aan bij. Omdat het wisentgebied alleen onder begeleiding van een Maashorstranger mag worden bezocht, was er heel veel belangstelling om tijdens zo’n bezoek het gebied minutieus te onderzoeken. Maar liefst 127 tellers voerden hun waarnemingen in en naar schatting zijn er een kleine 150 kenners het veld in gegaan. In het wisentengebied werden ook de mooiste soorten gezien, een duidelijk bewijs dat daar de biodiversiteit enorme sprongen maakt.
Ook was er veel belangstelling van publiek. Veel recreanten in de Maashorst en bezoekers van het Natuurcentrum waren nieuwsgierig wat er allemaal werd gezien. Het evenement was zo geslaagd dat in 2021 opnieuw een 1000-soortenweekend gehouden zal worden. Hopelijk zorgt het natuurherstel en het verder vergroten van de Maashorst ervoor dat er dan nog meer soorten naar de Maashorst zullen zijn teruggekeerd.